De technische keuring
Wie moet zich aanbieden bij de technische keuring?
Elke nieuwe eigenaar en elke eigenaar van een pas gerestaureerde oldtimer zal zijn voertuig moeten aanbieden aan de technische keuring, alvorens deze te kunnen inschrijven bij de D.I.V.
Hij zal er moeten kiezen tussen een vereenvoudigde keuring, met het oog op een vrijstelling van de technische keuring in de toekomst, met als gevolg dat het voertuig voorzien wordt van een O-nummerplaat, of voor een jaarlijkse volledige keuring, waarbij het voertuig een normale nummerplaat zal bekomen.
Met welke nummerplaat moet ik mijn voertuig aanbieden?
Er een nieuwe reglementering van kracht sinds 01.09.2004 betreffende de technische keuring wanneer men zich met een tweedehandsvoertuig aanbiedt. Om een gewone inschrijving te bekomen kan men het voertuig enkel aanbieden:
- hetzij met de Belgische nummerplaat waaronder het voertuig ingeschreven is of laatst ingeschreven was;
- hetzij de – al dan niet tijdelijke – buitenlandse kentekenplaat die vermeld staat op het buitenlandse kentekenbewijs van het ingevoerde voertuig
- hetzij een Belgische handelaars- of proefrittenplaat.
In alle andere gevallen, als men zich bijvoorbeeld aanbiedt met de nummerplaten van het dagelijkse voertuig of met een voertuig van voor 1960 dat men vervoert op een aanhangwagen zonder nummerplaat, is het enkel mogelijk om een vereenvoudigde keuring te ondergaan, namelijk om een O-plaat te bekomen.
Uiteraard kan je, eenmaal de O-plaat in uw bezit, het voertuig opnieuw aanbieden bij de keuring om een gewone inschrijving aan te vragen. Momenteel bedragen de extra kosten hiervoor enkel de technische keuring, gezien de fiscale zegels voor de aanvraag van een nummerplaat afgeschaft werden sinds 01.01.2006 en de bijzondere inverkeersbelasting van 61,50 € niet geïnd zal worden omdat het voertuig reeds op uw naam was ingeschreven.
Toch een gouden raad: vergeet vooral niet uw verzekeringsmakelaar te verwittigen om de oldtimer te dekken de tijd die nodig is om naar de technische keuring te gaan.
Welke voertuigen kunnen vrijgesteld worden van technische keuring?
Enkel de oldtimers kunnen vrijgesteld worden van technische keuring. Het begrip “oldtimer” werd al in ons eerste hoofdstuk verduidelijkt.
Om vandaag de dag vrijgesteld te worden van technische keuring dient men zich aan te bieden aan een keuringstation om er een vereenvoudigde keuring te ondergaan. Deze vereenvoudigde keuring is slechts eenmalig, maar zal steeds gebeuren wanneer het voertuig van eigenaar verandert, met meestal een nieuwe inschrijving als gevolg.
Wat houdt een vereenvoudigde keuring eigenlijk in ?
De vereenvoudigde keuring omvat vijf controle’s:
- het chassisnummer aan de hand van de voorgelegde documenten
- het remsysteem (visuele controle)
- de aanwezigheid van een gevarendriehoek
- de controle van de stuurinrichting
- en de controle van de sleepinrichting(indien aanwezig).
Koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen.(B.S. 28.03.1968)
Artikel 16 : Identificatie van de voertuigen.
§1. Chassisnummer.
Elk chassis of zelfdragend voertuig moet voorzien zijn van een nummer dat als chassisnummer wordt beschouwd, en dat verschillend is voor elk voertuig van eenzelfde merk en bestaande uit een reeks van ten minste drie en maximum zeventien letters of cijfers .
Die tekens moeten een hoogte van ten minste 7 mm hebben en zodanig van alle andere opschriften gescheiden zijn dat alle twijfel uitgesloten is.
Bij het indienen van de goedkeuringsaanvraag moet de aanvrager tegelijkertijd een model van het chassisnummer en de betekenis van de verschillende erin voorkomende symbolen insturen.
Het model van al de gebruikte cijfers en letters moet aan het Bestuur van het Voertuig kenbaar gemaakt worden.
Uitsluitend dat nummer mag in de officiële bescheiden als chassisnummer worden aangegeven. Het moet er in zijn geheel in voorkomen .
Het chassisnummer moet door de constructeur, de mandataris of door een door hen behoorlijk gemachtigde persoon goed leesbaar ingeslagen zijn in een langsligger of, wanneer het voertuig niet van langsliggers is voorzien, in een belangrijk constructief element van de carrosserie, zodat het niet kan verdwijnen door een licht ongeval. Niemand anders mag het chassisnummer inslaan, uitwissen of wijzigen.
De plaats van het chassisnummer wordt door de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde goedgekeurd.
Het chassisnummer moet steeds goed zichtbaar zijn en mag nimmer verborgen worden door een latere inrichting van het voertuig.
Indien, naar het oordeel van de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde, het chassisnummer van een aanhangwagen of oplegger aanleiding tot misverstand kan geven, kan hij voorschrijven dat een bepaald chassisnummer wordt ingeslagen of verwijderd.
We verwarren het chassisnummer niet met het identificatieplaatje, hetgeen een plaatje is dat gelast of geklonken werd op een plaats dat gemakkelijk bereikbaar is en dat het chassisnummer herneemt, naast het M.T.M van het voertuig en van de sleep en andere gegevens (art. 16 §2 van het K.B. van 15.3.1968).
Het chassisnummer dient overeen te stemmen met de voorgelegde documenten.
Hoe een vereenvoudigde technische keuring ondergaan met een voertuig dat niet voorzien is van een chassisnummer?
Voor de voertuigen zonder een chassisnummer, eist de D.I.V. dat de eigenaar zorgt voor het inslaan van een chassisnummer. Men dient dit nummer te laten goedkeuren door een erkende verdeler van het merk, of indien deze niet meer bestaat, door de technische directie van de DIV zelf. Enkel de aanwezigheid van het identificatieplaatje is vandaag de dag niet meer voldoende.
Op welke manier kan men een chassisnummer voorzien op voertuigen waar er geen voorhanden is?
Problematiek
Dikwijls worden liefhebbers geconfronteerd met de melding van de Code 3 op het keuringsbewijs. (beperkte geldigheid tot 3 maanden).
Oorzaak hiervan is dat het chassisnummer gedeeltelijk onleesbaar geworden is of helemaal onbestaande is. Dit laatste komt voor bij voertuigen geproduceerd in Groot-Brittannië die voorzien waren voor de onmiddellijke uitvoer naar de Verenigde Staten. Deze voertuigen zijn niet voorzien van een (geldig) chassisnummer, en krijgen bijgevolg de code 3 op het keuringsbewijs.
Code 3 houdt in dat er enkel administratieve tekortkomingen zijn die in orde gebracht moet worden binnen de drie maanden.
In het Technisch Reglement (KB 15.03.1968) staat dat het chassisnummer enkel door de constructeur, de mandataris of door een door hen behoorlijk gemachtigde persoon goed leesbaar ingeslagen dient te worden. Niemand anders mag het chassisnummer inslaan, uitwissen of wijzigen.
Voor de voertuigen van de MG Rover groep, waar het chassisnummer onleesbaar geworden is of voertuigen ingevoerd uit de Verenigde Staten, is dit een probleem aangezien de constructeur niet meer bestaat en alzo het verkrijgen langs deze weg van een vergunning onmogelijk geworden is.
Oplossing
In dergelijke gevallen kan je je richten tot de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer. Je stuurt hiervoor een brief met de volgende gegevens:
- Documenten van het voertuig
- Keuringsbewijs
- De vraag tot het bekomen van een vergunning tot het (her)inslaan van het chassisnummer
- Uw persoonlijke gegevens en uw telefoonnummer
- Bij voorkeur copie van het Heritage Certificate dat je kan bestellen bij het Heritage Motor Centre, Banbury Road, Gaydon-Warwickshire, GB – CV 35 OBJ of via www.heritage-motor-centre.co.uk of per email Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien. (prijs +/- 45,00 EUR te betalen met een kredietkaart)
De FOD Mobiliteit en Vervoer zal u telefonisch contacteren om u verdere instructies te geven.
Hieronder vind je de gegevens van de contactpersonen aan wie je de aanvraag dient te richten:
Voor de Nederlandstaligen:
Mr. Schoolmeesters
Directoraat Generaal Mobiliteit en Verkeersveiligheid
City Atrium - Local 2A06
Vooruitgangstraat 56
1210 Brussel
02/277.35.59.
Voor de Franstaligen:
Mr. Olivier
Direction Générale Mobilité et Sécurité Routière
City Atrium - Local 3A05
Rue du Progrès 56
1210 Bruxelles
02/277.35.57.
Mag ik mij in gelijk welk station van de technische keuring aanbieden om een vereenvoudigde keuring te ondergaan?
Indien het om een Belgisch voertuig gaat, is elke keuringstation bevoegd voor een vereenvoudigde keuring.
Indien het om een ingevoerd voertuig gaat , dient de eigenaar zich aan te bieden in een keuringstation bevoegd om over te gaan tot de identificatie van de voertuigen. Zij gaan over tot het controleren het chassisnummer met de voorgelegde buitenlandse documenten.
Enkel de volgende keuringstations zijn hiervoor bevoegd:
- 1030 Schaerbeek, avenue des Glycines 42 – Tél : 02/240.03.50.
- 1070 Anderlecht, avenue Sylvain Dupuis 237 – Tél : 02/559.09.99.
- 1070 Anderlecht, rue de la Pastorale 60 – Tél : 02/412.07.12.
- 1140 Schaerbeek, rue Colonel Bourg 118 – Tél : 02/726.91.52.
- 1730 Asse, Assesteenweg 32 – Tél : 02/452.53.53.
- 1840 Londerzeel, Technologielaan 37 – Tél : 052/31.23.00.
- 2100 Deurne, Santvoortbeeklaan 34 – Tel : 03/328.69.20.
- 2440 Geel, Lammerdries 7 – Tel : 014/57.86.00.
- 2830 Willebroek, Hoeikensstraat 1B – Tél: 03/886.29.64.
- 3110 Rotselaar, Wingepark 3 – Tél: 016/44.11.20.
- 3570 Alken, Industrieterrein Kolmen 1308 – Tel : 011/31.39.52.
- 4190 Ferrières, Route de Bastogne 26 – Tél: 086/43.32.75.
- 4460 Grâce-Hollogne, rue de l’Expansion 12 – Tél : 04/246.35.24
- 4500 Huy, Zoning Artisanal – Tél : 085/23.09.54.
- 4700 Eupen, Vervierserstrasse 80 – Tél : 087/55.43.21.
- 4800 Verviers, Z.I. de Petit-Rechain, avenue du Parc – Tél : 087/35.46.49.
- 4960 Malmédy, avenue de Norvège 43 – Tél : 080/33.01.53.
- 5001 Namur, Chemin de la Plaine 4 – Tél : 081/72.17.60.
- 6041 Gosselies, rue Tahon 59 – Tel : 071/35.73.57.
- 6840 Neufchâteau, rue des Prés 5 – Tél: 061/27.98.29.
- 7522 Marquain, Z.I. de Tournai Ouest, rue de Serpolet 21 – Tél : 069/45.24.15.
- 7700 Mouscron, rue de l’Echauffourée 101 – Tél 056/85.20.90.
- 8000 Brugge, Kolvestraat 29 – Tel : 050/31.36.42.
- 8400 Oostende, Zandvoordestraat 442 A – Tél: 059/55.27.70
- 8480 Ichtegem, A. Coussensstraat 75 – Tel : 051/58.93.16.
- 8540 Deerlijk, Pontstraat 87 – Tél: 056/77.55.52.
- 8560 Moorsele, Noordstraat 3 – Tel : 056/43.27.70.
- 8900 Ieper, Rozendaalstraat 26 – Tél: 057/22.02.10.
- 9052 Zwijnaarde, Buitenring-Zwijnaarde 1 – Tél : 09/222.51.57.
- 9300 Aalst, Industrielaan 24 – Tél : 053/66.97.62.
- 9320 Erembodegem, Industrielaan 24 – Tel : 053/66.97.62.
Mogen de keuringstations het chassisnummer controleren om na te gaan of het niet vervalst werd?
Voor het controleren van een chassisnummer hebben de keuringstations instructies ontvangen van de D.I.V. om na te gaan of het chassisnummer wel degelijk overeenstemt met het aangeboden voertuig.
Het is dus niet voldoende dat de documenten overeenstemmen met het chassisnummer. Het voertuig moet eveneens overeenstemmen met de documenten (vb. Lotus Seven voorzien van documenten van een Ford).
Indien het keuringstation twijfels heeft over een bepaald voertuig, zal het weigeren een stempel te plaatsen op het aanvraagformulier tot inschrijving en zal ze het dossier overmaken aan de D.I.V.
Door een inschrijving te weigeren heeft de D.I.V. het recht om een twijfelachtig voertuig tot het verkeer te verbieden, gezien de stempel van de technische keuring enkel zal mogen geplaatst worden mits toelating van het ministerie.
Waaruit bestaat de controle van het remsysteem tijdens de vereenvoudigde keuring?
De wet inzake de technische keuring stelt dat de voertuigen voorzien moeten zijn van twee soorten remmen: een bedrijfsreminrichting en een parkeerreminrichting.
De bedrijfsreminrichting is bedoeld om een in beweging zijnd voertuig tot stilstand te brengen.
De parkeerreminrichting is bedoeld om te beletten dat een stilstaand voertuig in beweging raakt.
Voor de voertuigen in het verkeer gebracht voor 1 januari 1926, betreft het een visuele en statische controle indien het voertuig beschikt over een rem. Het is dus best mogelijk om het voertuig aan te bieden op een aanhangwagen, het is zelfs niet noodzakelijk het voertuig van de aanhangwagen te halen.
Voor de voertuigen in gebruik genomen na deze datum, zal de controle visueel en dynamisch zijn en zullen de meeste controle’s uitgevoerd worden op de rollenmeter.
Kan mijn voertuig dat de leeftijd van 25 jaar bereikte, nog steeds naar de keuring gaan?
Uiteraard, we zouden dit zelfs willen aanmoedigen. Je kan een jaarlijkse technische keuring ondergaan met zowel een voertuig van 25 jaar als een veteran car van 80 jaar oud. Het voertuig wordt dan ook gecontroleerd zoals een gewoon dagelijks voertuig.
Is het mogelijk om over te schakelen van een gewoon statuut naar het oldtimerstatuut, of omgekeerd, van oldtimerstatuut naar een gewoon statuut?
Zonder enige twijfel. Je moet in beide gevallen het voertuig opnieuw aanbieden bij de technische keuring om een nieuwe inschrijving aan te vragen. In beide gevallen ontvang je dan ook een nieuwe nummerplaat, hetzij een O-nummerplaat als je naar een vrijstelling van technische keuring overstapt, of een gewone nummerplaat voor het bekomen van een gewoon statuut.
Mijn oldtimer is uitgerust met een LPG-installatie. Dient deze gekeurd te worden, zelfs al is mijn oldtimer vrijgesteld van de jaarlijkse technische keuring?
De jaarlijkse technische keuring en de LPG-keuring zijn niet aan elkaar gebonden. Voor oldtimers die voorzien zijn van een LPG-installatie moet de eigenaar van het voertuig dezelfde regels in acht nemen als voor een normaal dagelijks voertuig voorzien van een LPG-installatie, zelf al is de oldtimer vrijgesteld van technische keuring. De oldtimer moet tevens ook voorzien zijn van de groene LPG-sticker.
Mag ik vooraan op het voertuig een kleine nummerplaat plaatsen?
Het antwoord is negatief. De nummerplaat die zich vooraan op het voertuig moet bevinden is een reproductie van de nummerplaat die achteraan bevestigd wordt. Ze moet dezelfde kleur en afmetingen hebben als de achterste nummerplaat en moeten tevens lichtweerkaatsend zijn.
Wat nu begonnen met de nieuwe reglementering inzake de banden (in voege sinds 15.04.2004)?
De banden werden gereglementeerd sinds 15/04/2004 en verschillende garagehouders en bandencentrales hebben in het begin moeilijkheden ondervonden om de juiste banden te plaatsen op voertuigen waar er geen gegevens beschikbaar waren inzake snelheidsindex. We hernemen hier de tekst van GOCA die van toepassing is op personenauto’s (cat. M1).
M1 : voertuigen ontworpen en gebouwd voor het vervoer van passagiers met ten hoogste 8 zitplaatsen, die van de bestuurder niet meegerekend.
De snelheidsindex moet gelijk of hoger zijn aan de minimale snelheidsindex die overeenstemt met de maximale snelheid van het voertuig opgenomen in het PVG (proces verbaal van goedkeuring), COC (europees gelijkvormigheidattest) of het instructieboekje.
Indien geen maximale snelheid opgenomen is, zal de laagste snelheidsindex opgegeven in het PVG, COC, instructieboekje of op de originele sticker van de constructeur als referentie genomen worden, dit zonder rekening te houden met de bandenmaat.
Indien er geen gegevens opgenomen zijn in het PVG, COC, instructieboekje of op de originele sticker van de constructeur voor de snelheidsindex en maximumsnelheid, zal men geen minimum snelheidsindex eisen.
Voor elke as moet de som van de draagvermogens vermeld op de banden hoger of gelijk zijn aan de MTM (maximaal toegelaten massa) voor die as.
Indien een voertuig wordt voorgereden met banden zonder LI (lastindex) maar met de vermelding van de maximum capaciteit op de band, moet de som van de vermelde capaciteiten op de banden minstens de MTM voor die as bedragen en liefst overschrijden.
Het draagvermogen per band moet minstens voldoen aan de helft van de MTM van die as in geval van enkele montage, of aan een vierde van de MTM van die as bij dubbele montage.
De banden die vanaf 1 januari 2004 voor de eerste maal in gebruik worden genomen, moeten voorzien zijn van E of e-goedkeuringsnummer en bandaanduidingen. De afmetingen mogen zowel in mm als in duim weergegeven worden. Elk nieuw volgens de richtlijn 70/156/EG gehomologeerd voertuig laatst gewijzigd door de richtlijn 98/14/EG en als nieuw voertuig ingeschreven vanaf 1 januari 1998 moet uitgerust worden met banden die een E- of e -markering dragen.
De tekening van de hoofdgroeven van de banden moet ten minste 1,6mm diep zijn over ¾ van het loopvlak. De slijtagegraad van de banden mag per as (links-rechts) maximum 3mm afwijken.
Een voertuig uitgerust met M+S banden met een snelheidsindex lager dan deze voorzien door de constructeur of die overeenstemt met de maximale snelheid van het voertuig wordt aanvaard van 01 oktober tot 30 april, voor zover binnen het gezichtsveld van de bestuurder, een goed leesbaar zelfklevend etiket werd aangebracht met vermelding van de maximumsnelheid voor de betreffende M+S banden.
Een voertuig uitgerust met M+S banden met een snelheidsindex gelijk of hoger dan deze die overeenstemt met de maximale snelheid van het voertuig wordt steeds aanvaard ongeacht de periode van het jaar.
Indien de gemonteerde banden niet overeenstemmen met één van de banden vermeld in het PVG, COC, instructieboekje van de constructeur of op de originele sticker van de constructeur dient de buitendiameter van elke band overeen te stemmen met de buitendiameter van één van de banden vermeld in het PVG, COC, instructieboekje of originele sticker van de constructeur met een tolerantie van -2% en +1,5%.
Indien de gemonteerde velgen niet overeenstemmen met de velgen vermeld in het PVG, COC, instructieboekje van de constructeur of originele sticker van de constructeur worden deze aanvaard voor zover het spoor voor personenauto’s binnen de tolerantie van 2 % verhoging ten opzichte van het origineel spoor valt, 4% voor terreinvoertuigen.
De op éénzelfde as gemonteerde banden en velgen dienen dezelfde technische karakteristieken te hebben. Dit geldt specifiek voor het merk, de afmetingen, het laadvermogen en de snelheidsindex; symmetrische en asymmetrische banden mogen niet samen op één as voorkomen.
Banden met verschillende afmetingen op de voor- en achteras worden enkel aanvaard indien dit door de constructeur voorzien is in het PVG, COC, instructieboekje van de constructeur of originele sticker van de constructeur. In dit geval moet de combinatie voor / achter opgegeven door de constructeur gerespecteerd worden.
OPMERKING: de combinatie van de snelheidsindexen S en T op één as is toegelaten voor de voertuigen ingeschreven voor de eerste januari 1995. Voor deze voertuigen mag het laadvermogen (LI) met één eenheid verschillen. Als voorwaarde wordt gesteld dat beide banden van hetzelfde merk zijn.
De banden mogen niet uit het koetswerk steken.
Alle richtingsgebonden en asymmetrische banden moeten in correcte zin gemonteerd zijn. Dit geldt ook voor de aanduidingen van de draairichting en van “binnenzijde – inside” / “buitenzijde – outside”.
Spijkerbanden zijn toegelaten van 30 oktober tot 01 april. Buiten deze periode worden deze banden niet toegelaten in de keuringscentra
Hoe moet je een band lezen?
Op een band staan verschillende cijfers en letters, maar wat betekenen ze?
Figuur banden invoegen
Lastindex
De lastindex of loadindex geeft het draagvermogen van de band aan. Een overbelaste band leidt tot een klapband. Een voertuig voorzien van de juiste banden biedt u een extra veiligheid.
Snelheidsindex
De snelheidsindex duidt de snelheid aan die de band aankan. Deze index wordt voor elk type voertuig bepaald door de constructeur. Deze index vindt u terug op de band en moet overeenstemmen met het instructieboekje. De snelheidsindex houdt niet enkel en alleen een snelheidsbeperking in. Deze index is een indicatie betreffende de weerstand tegen invloeden van buitenaf. De snelheidsindex bepaalt het ideaal compromis tussen prestatie, weggedrag en veiligheid.
Banden voorzien in het pvg
vb: 205/45R16-83V
205 = breedte van de band , 45 = serie, R = structuur van de band (Radiaal), 16 = binnendiameter in duim, 83 = lastindex, V = snelheidsindex
Wat met de veiligheidsgordels?
Eerst en vooral dienen we duidelijk te stellen dat indien de oldtimer uitgerust is met veiligheidsgordels, deze in een goede staat van werking dienen te zijn om de veiligheid te verzekeren en moeten gedragen worden.
Sinds 01.01.1975 werden de veiligheidsgordels met oprolmechanisme verplicht. Voor deze datum waren er reeds voertuigen uitgerust met veiligheidsgordels zonder dat ze van dit oprolmechanisme voorzien waren. De technische keuring kan deze veiligheidsgordels niet weigeren maar ze kan wel de goede werking ervan controleren. Controleer eerst de ‘klik’ alvorens je naar de keuring te begeven.
De nieuwe reglementering inzake de keuring van voertuigen van +3,5 T.
Vanaf 1 oktober 2005 worden voertuigen met een MTM boven de 3,5 ton en voorzien van een gewone inschrijving aan een nieuwe remtest onderworpen. De wettelijke basis vinden we terug in het Koninklijk Besluit van 17 maart 2003.
Dit betekent dat de periodieke keuring van voertuigen met een MTM van meer dan 3,5 ton vervolledigd wordt met een diepgaandere keuring van de reminstallatie.
Deze remtest doet een uitspraak over de remdoelmatigheid (bedrijfszekerheid uitgedrukt in percentage) van de remmen van een voertuig in verhouding tot zijn MTM. Een dergelijke remtest wordt in een lege of beladen toestand van het voertuig uitgevoerd.
Wat met de tuningwetgeving
Tuning is elke verandering die aangebracht wordt aan een personenvoertuig met het oog om het voertuig een persoonlijke en/of andere ‘look’ te geven.
Bestaat er een wettelijke basis om voertuigen te veranderen?
Eerst en vooral moeten we je melden dat er verschillende wetteksten bestaan die van toepassing zijn op het gebruik van motorvoertuigen :
Koninklijk Besluit van 15.03.1968 en zijn wijzigingsbesluiten houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen.
Koninklijk Besluit van 20.07.2001 betreffende de inschrijving van voertuigen.
Koninklijk Besluit van 01.12.1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg, of beter gekend als het ‘verkeersreglement’.
Gezien politiediensten, garagisten, kopers en verkopers het bos door de bomen niet meer zagen door al deze wetteksten, werd er een Omzendbrief opgesteld door de toenmalige Minister van Mobiliteit Renaat Landuyt. Een eerste versie verscheen in het Belgisch Staatsblad op 15.02.2006 onder de benaming ‘Omzendbrief betreffende sommige verbouwde voertuigen (cat. M1). Deze Omzendbrief werd op 18.04.2006 reeds aangepast met een bijkomende publicatie in het Belgisch Staatsblad op 12.05.2006.
De persgroep heeft zopas een tuninggids op de markt gebracht waarin u alles kan nalezen in de verband met de mogelijke wijzigingen die aangebracht kunnen worden.
PUBLICITEIT TUNINGGIDS
Tweet


FAQ













